The Empire Strikes Back: Indian Art Today
beeldverslag
woensdag 10 februari 2010
Tushar Joag,
The Enlightening Army Of The Empire, 2008.
Roos van der Lint | ‘The Empire Strikes Back’, en hoe. Op 29 januari opende
Saatchi Gallery in Londen een tentoonstelling over de hedendaagse Indiase kunst. Naar de gelijknamige Star Wars-film uit 1980 toont Saatchi de huidige kunststatus van het continent, met kunstenaars die vaak nog niet eerder in het Verenigd Koninkrijk exposeerden, of soms zelfs nog nooit buiten India kwamen.
Lees meer en bekijk het beeldverslag Veel werk heeft een sterk politiek karakter, soms erg letterlijk. Zoals
Public Notice 2 (2007) van
Jitish Kallat; een wandvullende toespraak van Mahatma Gandhi waarvan de letters zijn uitgehouwen als botten.
Jitish Kallat,
Public Notice 2, 2007 (4.479 glazen objecten).
Jitish Kallat
Jitish KallatOf de indrukwekkende portretten van
Reena Saini Kallat.
Penumbra Passage (Canine Cases) (2006) bestaat uit een groot portret van een gewoon burger uit India of Pakistan, met een vitrinekast ervoor.
Reena Saini Kallat,
Penumbra Passage (Canine Cases), 2006.
Achter het glas, op rood fluweel, ligt een verzameling objecten in de vorm van een menselijk gebit uitgestald. Bij nadere inspectie blijkt iedere tand een wapen te zijn, en de toonbank geen mond maar een wapenkast.
Huma Bhabha,
Waiting For A Friend, 2003.
Buiten de altijd aanwezige, en zeer aangrijpende, politieke boodschappen, zijn veel werken verrassend in hun verschijningsvorm en vaak zelfs buitengewoon intrigerend: Wat op een afstand een rat lijkt blijkt een knielend persoon in gebed; je slaat een hoek om en er ligt een kameel opgepropt in een reiskoffer. Laatstgenoemde is een werk van
Huma Mulji, getiteld
Arabian Delight (2008), die de verspreiding van cultuur ter inspiratie nam. Verderop in de zaal staat een rund met zijn kop door een betonnen buis gestoken, maar deze trekt beduidend minder bekijks.
Huma Mulji,
Arabian Delight, 2008.
Huma MuljiDankzij Saatchi’s vrije opstelling van de kunstwerken, zonder hekjes en alarmen, kun je de werken goed bekijken. Zoals het leger van lampen van
Tushar Joag.

Tushar Joag,
The Enlightening Army Of The Empire, 2008.
Ondanks de wirwar van snoeren kan de bezoeker zich rondom deze levensgrote figuren van lampen, zwaaiend met tl-buizen, begeven. Ook de met teer overgoten sculpturen van
Kriti Arora zijn van dichtbij en van alle kanten te bekijken. Arora liet zich inspireren door werkmannen die zij in de bergen van Kashmir aantrof. Ze zijn dusdanig besmeurd met teer dat hun gezichten nog slechts één uitdrukking bezitten.
Kriti Arora,
Tar Man 5 & 6, Tools And Boots, 2008.
Naast al dit visuele geweld zijn er ook subtielere werken die de aandacht van de bezoeker opeisen. Werken rondom de verkeerschaos en drukte van India doen denken aan episodes uit
White Tiger van
Aravind Adiga, Booker Prize winnaar van 2008, en zijn in mijn Westerse blik een beetje voor de hand liggend. Indrukwekkender is
Synomyn (2007), een portret opgebouwd uit talloze stempels met namen van vermiste mensen in India.
Reena Saini Kallat, Synonym, 2007.
Of
Death Of Distance (2007) van
Jitish Kallat, waar in vijf panelen twee krantenartikelen door elkaar heen worden getoond. Een verhaal bericht over de zelfmoord van een meisje omdat haar moeder geen 1 rupee had voor haar schoollunch; een ander verhaal enthousiasmeert de bevolking voor een ‘1 rupee per minuut’ telefoonabonnement.
Met uitsluitend werken over politiek, armoede, een geweldadige Islam en vrouwenonderdrukking is ‘The Empire Strikes Back’ een visueel zeer aantrekkelijke tentoonstelling, met een nare bijsmaak. Grappige, inventieve en indrukwekkende beelden over bittere ellende laten weinig ruimte open voor positiviteit. Een bevestiging van een land met problemen, zonder oplossingen.
Richard Wilson’s oliekamer
20:50 (1987), permanent opgesteld in galerie 13, was een welkome afsluiting van de dag.
Richard Wilson,
20:50, 1987.
De tentoonstelling ‘The Empire Strikes Back: Indian Art Today’ loopt van 29 januari t/m 7 mei 2010.
Foto's:
Roos van der Lint