
klik om een oordeel te geven!
André Kruysen, Uprising as passage, 2011 (detail)
Foto: Roos van PutRoos van Put | De decembermaand staat wat mij betreft altijd in het teken van
hoop en verlangen. Hoop dat het volgende jaar weer net iets beter wordt dan het voorgaande, verlangen dat wensen uitkomen, verlangen naar de lente als alles weer tot bloei komt, hoop op betere tijden – en dan doel ik niet alleen op de bezuinigingen die de kunstwereld te wachten staan.
Denkend aan de komende jaren waar de
kunstwereld harde klappen gaat krijgen, hou ik mijn hart vast. Kunst heeft voor mij niet alleen betrekking op het werk dat ik doe, kunst is voor mij vaak troostrijk. Het geeft me soms de kans te vluchten in de wereld van de verbeelding of drukt mij juist met de neus op de feiten en daarnaast kan het troost geven.
Als ik echt voor een kunstwerk val, als het liefde op het eerste gezicht is, tracht ik alles in het werk te zetten om het ook te kopen, zodat ik er van kan genieten wanneer ik wil. Ik heb mijn oog bijvoorbeeld nu laten vallen op een kunstwerk van de Haagse kunstenaar
Zeger Reyers. Hij maakte een kikker van lippenstift. Wanneer je dit beestje kust, verandert hij niet in een prins – hoeft ook niet want die heb ik al - maar je krijgt wel rode lippen. Het werk maakte me vrolijk en bovendien hou ik van sprookjes – ook al zoiets waarin verlangen, hoop en verbeelding een hoofdrol krijgen. Niets leuker dan mijn ooit jonge neefjes voorlezen uit
Alice in Wonderland, onder het mom van een fantasierijk verhaal voordragen waarop de mannetjes goed konden slapen, maar ondertussen genoot ik net zoveel van
Humpty Dumpty… Inmiddels gaan ze tot diep in de nacht met hun "matties" uit en voorgelezen worden door hun tante is echt niet meer "vet cool"…
André Kruysen, Uprising as passage, 2011
Foto: Eric de VriesEen werk waaruit ook hoop en verlangen spreekt, is de installatie die beeldhouwer
André Kruysen maakte voor het
Gemeentemuseum Den Haag, naar aanleiding van de
Ouborg Prijs die hij recent in ontvangst nam. Het is een sculptuur die ik zo in een kamer van mijn huis zou willen hebben, als ik tenminste de ruimte had – financieel en fysiek – en die heb ik niet. In de projectzaal van het Gemeentemuseum Den Haag heeft hij een bouwwerk geplaatst, althans, wat betreft de materialen. Het geheel functioneert niet als gebouw, het is een site-specific installatie. Speciaal voor deze projectruimte gemaakt.
André Kruysen, Uprising as passage, 2011
Foto: Eric de VriesZodra je de zaal betreedt, word je geconfronteerd met een sacrale sfeer. Mede veroorzaakt door het licht dat van achter de installatie opdoemt, maar, de ramen die dit daglicht doorlaten zie je niet, die zijn verborgen achter het kunstwerk. Het licht dat je ziet is bovendien gefilterd en verandert van hoedanigheid al naar gelang de stand van de zon. Bij het bekijken en beleven van dit werk kreeg ik hetzelfde gevoel dat ik wel eens heb als ik een kathedraal bezoek op de vroege zondagmorgen, waar het licht in duet is met de glas-in-lood ramen. Diezelfde sacrale sfeer proefde ik hier ook, ook al was de context compleet anders dan die in een kerk.
Je hebt de neiging om in deze projectzaal op je tenen voor het werk te gaan staan om te zien waar dat licht vandaan komt, maar de onderdelen zijn net te hoog en geven het geheim van het van sfeer veranderende licht niet prijs. Daarnaast vertoont het kunstwerk een opwaartse lijn, alsof het geheel, dat organisch van aard is, door het dak van het Gemeentemuseum omhoog wil groeien, het reikt als het ware naar de hemel. Geen mooier moment dan deze maand om deze installatie te gaan zien. Het vat voor mij samen waar het nu om draait: hoop, verlangen, verstilling, contemplatie.
André Kruysen, Uprising as passage, 2011 (detail)
Foto: Roos van Put